Review taal in het kwadraat

Review taal in het kwadraat


Taal in het kwadraat

 In deze review het boek van prof. dr. Constance Vissers e.a. over TOS, innerlijke taal en executieve functies.
TOS ofwel taalontwikkelingsstoornis blijft een van de meest onbekende diagnoses, maar gelukkig wordt er steeds meer onderzoek gedaan naar alle facetten van de taalontwikkeling en daarmee samenhangende problemen. In dit boek wordt de focus gericht op de innerlijke taal, de executieve functies, Theory of Mind en omgevingsfactoren.

Wat is innerlijke taal?

Voor een antwoord op deze vraag kijkt Taal in het kwadraat door een neuropsychologische bril naar kinderen met TOS. Gedrag wordt ontrafeld in termen van (innerlijke) taal, executief functioneren, 

De blik door deze bril en de voorbeelden uit zorg en onderwijs zijn een inspiratiebron voor iedereen die werkt met kinderen met TOS.

Kinderen met een taalontwikkelingsstoornis (TOS) hebben niet alleen moeite met taal, maar vaak ook ernstige sociaal-emotionele problemen.
Sommigen reageren angstig, onzeker op contact en trekken zich terug. Anderen vertonen juist druk, ongecontroleerd of agressief gedrag.
Vaak hebben ze moeite met het aangaan en onderhouden van vriendschappen. Kinderen met TOS zitten dan ook vaak niet lekker in hun vel.
Hoe komt dat? Wat gaat er nu schuil achter deze problemen in de sociale interactie en het welbevinden? 


In dit boek wordt dus met een neuropsychologische bril gekeken naar het gedrag van kinderen met TOS.
De auteurs beschrijven helder dat dit gedrag wordt beïnvloed door de omgeving, de hersenen én de cognitieve vermogens, zoals de executieve functies en het vermogen om emoties en gedachten van jezelf en anderen te begrijpen.

Kinderen met TOS hebben juist op deze gebieden beperkingen, omdat ze er taal voor nodig hebben: taal om met anderen te communiceren en ‘innerlijke taal’ om met zichzelf te communiceren.
Als ouders en professionals in onderwijs en zorg zich hier (meer) bewust van zijn, kunnen zij kinderen met TOS beter gaan ondersteunen.

Mijn mening


Taal in het kwadraat is theoretisch stevig onderbouwd en bevat vele herkenbare situaties uit de praktijk van onderwijs, zorg en opvoeding. Daarmee is het een inspiratiebron voor iedereen die werkt met kinderen met TOS.

 

Auteurs van dit boek

Prof. dr. Constance Vissers (klinisch neuropsycholoog), dr. Jet Isarin (filosoof), dr. Daan Hermans (cognitief psycholoog) en dr. Ina Jekeli (gezinssocioloog) zijn verbonden aan Kentalis en werken samen aan het beter begrijpen van kinderen met TOS. 

ISBN  9789492525871
Omvang:  140 pagina’s
Uitvoering:  paperback

Heb jij dit boek al gelezen?

Laat me weten wat je ervan vond in een reactie hieronder

Je titel komt hier

Sluit je blog altijd af met een oproep of een vraag.

Vraag bijvoorbeeld of mensen meer tips weten of vraag hoe ze iets in gaan zetten in hun praktijk?

 

Je kunt het succes van je blogs ook een handje helpen door expliciet de hulp van je lezer te vragen. Vaak worden artikelen niet gedeeld op sociale netwerken, omdat dat gewoon niet in het systeem van mensen zit. Er is niets mis mee om ze gewoon te wijzen op de mogelijkheid.

Zo kreeg mijn artikel met QR code tips op social media meteen veel likes, maar het werd nauwelijks gedeeld. Wanneer je hierom gaat vragen, lukt dit vaak beter.

Als experiment voeg je bijvoorbeeld onderstaand zinnetje toe:

Deel dit bericht (druk op het pijltje rechtsboven) zodat meer mensen geïnspireerd kunnen raken om hiermee aan de slag te gaan. 

Zorg wel dat je dit truukje niet iedere keer gebruikt

Limited Offer

Get 10 free images.

Yes, I’m a dummy text. Anyway I look nice and useful in some ways. Thanks. I know also latin. Lorem ipsum sit amet is my favourite concept.

Een stappenplan voor Close Reading en TOS

Een stappenplan voor Close Reading en TOS

Een stappenplan voor Close Reading en TOS

 

Hoi, mijn naam is Monique en in dit gastblog neem ik je mee in mijn werk als leerlingbegeleider van leerlingen met een TOS.
Vanuit mijn werk als leerlingbegeleider bij Auris ambulante dienstverlening werk ik vaak met leerlingen aan het verbeteren van begrijpend leesvaardigheden. Een veelgebruikte methode hiervoor is Close Reading.

Ik ben begonnen om het boek Close Reading van Diane Lapp e.a. te gaan lezen.
Ook heb ik een inspiratiemiddag gevolgd over Close reading. Ik werd enthousiast en wilde graag mensen meekrijgen in mijn enthousiasme om dit juist met onze doelgroep op te pakken.
Een veelgehoorde reactie was toen: “Leuk hoor maar toch niet te doen tijdens een ondersteuning met kinderen met een TOS?”
Mijn reactie: “
Wat als ik een stappenplan in Jip en Janneke taal ga maken speciaal voor onze doelgroep kinderen?”

Close reading

Close Reading is een manier van begrijpend lezen waarin je uitgaat van de tekst.
Het doel van close reading is een tekst te doorgronden. Een standaard Close Reading les heeft 3 sessies rondom dezelfde tekst. Deze sessies verdeel je vaak over drie verschillende begeleidingsmomenten met de leerling.
Meer over de inhoud en werkwijze van Close Reading kun je terugluisteren in de podcast “TOS en de digitale wereld: Close reading en TOS met Marcel van As en in het blog Close Reading en TOS hier op de website.

 

 

TOS en Close Reading

Kinderen met TOS hebben door een kleine woordenschat minder goed tekstbegrip.

Ze hebben baat bij veel herhaling in taal en (voor)lezen is voor deze groep erg belangrijk maar soms ook een uitdaging. Want hoe hou je het uitdagend en betekenisvol voor deze leerlingen?

 

Close Reading is bij TOSleerlingen een goede manier om teksten te benaderen, te doorgronden en hiermee het tekstbegrip te verbeteren.  

Per leeftijdsgroep een stappenplan

 Tijdens mijn begeleidingsmomenten met TOSleerlingen werk ik vaak aan begrijpend lezen en woordenschat.
Voor iedere bouw  heb ik in het kort mijn stappenplan voor Close Reading hier voor jou op een rijtje gezet.
Elke keer zijn de lessen verdeeld in drie sessies. Lees hieronder mijn stappenplan per sessie.

Mijn stappenplan voor de onderbouw

Close reading onderbouw met een tekst of prentenboek

Bepaal van te voren het doel.
Bijvoorbeeld verhaalopbouw: begin-midden-einde, woordenschat, emotietaal.

    Sessie 1:

    • Kijk samen naar de kaft.
    • Voorspel samen waar het over zou kunnen gaan.
    • Lees stukjes voor en model bij lastige woorden. (visualiseer).
    • Gebruik de pictogrammen van de praatdomino: wie doen er mee,  wat gebeurt er,  waar speelt het zich af?

    Sessie 2:

    Met het pictogram “hoe” kun je samen bekijken:

    • Hoe iets wordt gezegd.
    • Hoe iemand zich voelt.
    • Hoe iemand denkt.
    • Hoe het afloopt.

    Sessie 3

    • Wat betekent de tekst.
    • Zorg voor afbeeldingen of tekeningen.
    • Pak de picto’s van praatdomino (wie-wat-waar-hoe-waarom) er bij.
    • Maak samen een mindmap.
    • Laat het kind met hulp van de mindmap het verhaal navertellen.
    • Het is fijn om de structuur: begin-midden-einde te gebruiken.
    • Hierbij is leuk om te visualiseren, bijvoorbeeld met de digitale tool Widget Writer of Book Creator.

     

    Mijn stappenplan voor de midden- en bovenbouw

    Close reading midden/bovenbouw met een tekst, recept, boek of verhaal

    Zorg dat je eerst het doel bepaald. Bijvoorbeeld: hoofd en bijzaken.
    Ga daarna aan de slag met de drie sessies.

    Sessie 1:

    • Visualiseer met de begrijpend lezen kaarten: Voorspellen- verbeelden-voorkennis.    
    • Lees de tekst
    • Stel vragen met hulp van de praatdomino

    Voorbeelden:

    • Waarom heeft dit verhaal of dit tekstgedeelte deze titel?
    • Wat is de belangrijkste boodschap?
    • Vertel eens in eigen woorden wat er staat bij het begin-midden-eind van de tekst?

    Sessie 2:

    • Wat is de diepere betekenis van een tekst?
    • Hoe wordt het in de tekst gezegd?
    • Voor TOSleerlingen moeilijke woorden visualiseren waar dat kan.
    • Plaatjes erbij zoeken, tekenen of als je de les in 2 ondersteuningen verdeelt, er zelf plaatjes bij zoeken en uitprinten.

    Sessie 3:

    • Praatdomino wie-wat-waar-hoe-wanneer-welke-waarom-hoeveel?
    • Kun je dit ook uitleggen?
    • Als je een klasgenoot kan meenemen bij de ondersteuning dan samen laten overleggen.
    • Laat de kinderen vragen bedenken.
    • Tot slot laten samenvatten van de tekst met een mindmap of navertellen met hulp.

    Tot slot

    Veel informatie heb ik gehaald uit het boek Close Reading: werken aan dieper tekstbegrip  (uitgeverij Pica).  Ook de praktijkboeken Close reading  voor onder/midden/bovenbouw hebben mij veel inspiratie gebracht.
    Het gebruik van de praatdomino brengt structuur in een verhaal en is volgens mij onmisbaar in het cluster 2 onderwijs.
    Mijn ervaring om op deze manier te werken met een prentenboek of met de teksten van Nieuwsbegrip is heel positief.
    Kinderen kunnen het verhaal met behulp van een mindmap  op een gestructureerde manier terug vertellen.
    Tijdens mijn ondersteuningsmomenten van TOSleerlingen merk ik ook dat de kinderen enthousiast zijn en met plezier hier aan werken.
    De mindmap komt in de klas of gaat mee naar huis zodat ze het ook daar kunnen laten zien en vertellen.

    Ik ben benieuwd wat jullie ervaringen zullen zijn!

    Monique Snijders

    Monique Snijders

    Leerlingbegeleider ambulante dienstverlening cluster 2

     
    Ik ben Monique en werkzaam binnen het cluster 2 onderwijs als ambulant leerlingbegeleider.
    Mijn werk is een van mijn grote passies. Mijn doel is anderen meekrijgen in mijn enthousiasme.
    Wanneer jij inspiratie opdoet door het lezen van mijn blogs, heb ik mijn doel behaald.

    Heb jij ervaring met Close Reading en TOS in de praktijk?

    Laat het mij weten in een reactie hieronder.

    Bouke bouwt, een app voor zinsbouw bij TOS

    Bouke bouwt, een app voor zinsbouw bij TOS

    Een review van de app Bouke Bouwt

    Dit keer gaat deze review over een serious game die speciaal voor en door logopedisten is ontwikkeld om kinderen van 7-10 jaar te laten oefenen met zinsstructuren.
    In het voorjaar van 2022  volgt ook een app release.

    In Bouke Bouwt leren kinderen zinsstructuren herkennen en zelf te bouwen.
    Door de inzet van slimme gamification methodes blijven de kinderen gemotiveerd om te blijven spelen en te blijven oefenen.

    TIP:

    Vanaf 15 maart 2022 is deze game gratis uit te proberen voor 1 speler.
    Bekijk op de website het actuele aanbod.

    Over de ontwikkelaars

    Het spel is gemaakt in samenwerking met Hogeschool Utrecht  Lectoraat Logopedie – Communicatie door Participatie, project ZINnig, subsidieorgaan RAAK en Game Tailors.

    Voor kinderen ouder dan 10 jaar bestaat in Nederland het multimodale metalinguïstische
    therapieprogramma MetaTaal (Zwitserlood et al., 2015).
    Het spel kan gebruikt worden als voorbereiding op deze MetaTaal methodiek.

    Wat kun je verwachten van deze serious game?

    • Plezier…want, de wereld van Bouke Bouwt speelt in op de belevingswereld.
    • Controle…want, jij bepaalt wat de kinderen gaan oefenen.
    • Wetenschappelijke basis…want, Bouke Bouwt heeft een wetenschappelijke achtergrond.

    De game is gemaakt vanuit een verhalend ontwerp en heeft een opbouw die door onderzoek effectief is gebleken. (zie foto hierboven)
    Als context voor het bouwen van de zinnen met de machines is een verhaal verzonnen met thema’s die in het onderzoek populair bleken bij de doelgroep: aliens en het klimaat.
    Het kind speelt de rol van Superheld. De aarde is vervuild: er ligt plastic in de oceanen, de steden stinken en de meeste bossen zijn gekapt.
    Op dat moment bezoeken een paar vriendelijke aliens de aarde, en zeggen dat ze kunnen helpen om de aarde schoon te maken.
    Ze kunnen UFO’s bouwen die bomen planten, plastic opruimen en gebouwen schoonmaken. In ruil daarvoor willen ze de taal leren die we hier op aarde gebruiken.
    Door zinnen te bouwen met de machines, leren de aliens onze taal. De machines zetten het al het afval op aarde om in UFO’s die helpen om de aarde weerschoon te maken.

      Hoe werkt de app?

      In de game worden gekleurde machines gebruikt als hulpmiddel voor het verbeteren van de zinsbouw. De kleuren van de machines komen overeen met de kleuren van de LEGO®-blokjes in MetaTaal. Elke machine representeert een woordsoort.
      Kinderen leren zinnen bouwen met behulp van de machines.
      De logopedist kan het niveau van de zinsconstructies per kind zelf instellen. Daarnaast kan de logopedist het spel, zonder extra kosten, als huiswerk meegeven.

      Wil je de machines ook buiten de game inzetten tijdens de begeleiding?
      Op www.boukebouwt.nl kan je behandelmateriaal bestellen zoals een bouwset, knipmaterialen en stickervellen, posters en modulekaarten.
      Daarnaast vind je hier ook frames waarin je de zinnen kunt bouwen. Met name voor jongere kinderen kunnen de woordsoorten nog erg abstract zijn. Zij hebben veel steun aan de semantische functie van de zinsdelen, zoals wie voor het onderwerp en wat voor het lijdend voorwerp.
      Het letterlijk bouwen van de zinnen in frames, kan helpend zijn.
      Dit materiaal vormt een mooie afwisseling met het werken via de game en kun je op deze manier afwisselend alle sensorische inputkanalen benutten.
      Dit is een zeer effectieve methode gebleken voor leerlingen met een TOS.

      Om Bouke Bouwt te spelen heeft de leerling een laptop of computer nodig met een browser (bij voorkeur Google Chrome).
      Binnenkort komt er ook een app uit, zodat Bouke Bouwt ook op tablets en iPads gespeeld kan worden.

      Daarnaast hebben leerlingen een link naar het spel speel.boukebouwt.nl en hun spelercode nodig om het huiswerk te maken.
      In een overzichtsscherm kun je als professional de voortgang van jouw leerling nauwkeurig volgen en jouw begeleiding hierop afstemmen.

       

      Je vindt op de website ook een gratis download naar de handleiding: Bouke bouwt een waanzinnige wereld.

      Een demonstratie op het simeacongres

      van de game Bouke Bouwt

       

      Grammaticale problemen bij kinderen met TOS.

      Kinderen met TOS hebben veel moeite met de verwerving van grammaticale regels. Deze problemen zijn hardnekkig en bestaan vaak tot in de adolescentie (Duinmeijer, 2017).
      Grammaticale problemen belemmeren de ontwikkeling van andere taalvaardigheden zoals woordenschatontwikkeling, taalbegrip, verhaalopbouw en gespreksvoering. De behandeling van grammaticale problemen is een kerntaak van een logopedist die kinderen met TOS behandelt.
      Logopedische behandeling van grammaticale problemen heeft een positief effect op alle onderdelen van mondelinge en schriftelijke taalvaardigheid, en daarmee op communicatieve redzaamheid, kwaliteit van leven en maatschappelijk succes (Goodwin & Ahn, 2010).

       

      Mijn Mening over Bouke Bouwt

      Zinsbouw oefenen met kinderen met TOS is altijd een uitdaging.
      Want hoe pak je het aan op een manier die interessant en uitdagend is voor jouw leerlingen?
      Vaak moet hier veel creativiteit voor worden aangeboord bij jezelf, bijvoorbeeld in combinatie met rijke taalteksten.
      Wellicht ken je ook de klassieke fotokaarten waarbij de leerlingen zinnen moeten maken of gebruik je zelf de verhaal-dobbelstenen fysiek of via de app Storydice?
      Allemaal mooie middelen, maar deze game doet daar een mooie schep bovenop door echt te oefenen met de zinsstructuren via een bewezen opbouw en met een adaptief karakter.

      Met deze game is er in mijn ogen voor het eerst een prachtige digitale tool ontwikkeld voor zinsbouw die aanspreekt bij de leerling en die tegelijk volledig aan te passen is op het niveau van die leerling, met leuke en uitdagende opdrachten en directe feedback.

      Tijdens het spelen van de game is de leerling in zijn of haar beleving even bezig met een leuk spel. Tegelijk kun jij als begeleider later in het voortgangsscherm analyseren waar nog de nodige instructie moet worden toegevoegd door jou als professional.

      Deze game is niet voor niets voor en door logopedisten ontwikkeld. Onder hun begeleiding is hij ook als huiswerk voor thuis in te zetten.
      Het inzetten van de game, zonder professionele begeleiding, zou ik niet adviseren.
      Als ambulant dienstverlener ben ik wel erg benieuwd naar het inzetten van deze game tijdens de cluster 2 begeleidingsmomenten, in overleg met de logopedist.
      Dit wil ik dan ook zeker gaan uitproberen bij een paar van mijn leerlingen.

      Meer lezen over digitaal verhalen vertellen? Lees dan hier door voor 10 tips voor digitaal verhalen vertellen in de klas en thuis.

       

      Heb jij de game al uitgeprobeerd?

      Laat het mij weten in een reactie hieronder.

      Kind op de kaart met TOS

      Kind op de kaart met TOS


      Kind op de kaart met TOS

      Kind op de kaart met TOS

      Kind op de kaart

      Medio 2020 ontdekte ik via Facebook een uitzending van Janet Schmidt. Zij is rouwverwerkingstherapeut in Laren en zij heeft een speciale visuele aanpak ontwikkeld voor rouwverwerking. 
      De cliënt wordt op de kaart gezet en doorloopt zijn eigen innerlijke wereld. Door gerichte vragen stellen en te begeleiden komen zowel kinderen als volwassenen tot helder inzichten. Wat blijkt? De kaart werkt niet alleen bij rouw, maar ook bij allerlei andere emotionele processen. In dit blog mijn vertel ik meer over kind op de kaart met TOS.

      In februari 2021 heb ik een tweedaagse training gevolgd bij Janet. In de maanden ervoor had ik webinars en livestreams gevolgd van Janet via haar speciale facebookgroep en zocht ik verder naar meer inspiratie voor op de kaart.
      Tijdens de tweedaagse “Kind op de kaart voor professionals” kwamen onderwerpen als verdriet, zelfreflectie en probleemverheldering aan de orde en hoe je dit op de kaart kunt verwerken.

      TOS op de kaart?

      Vanaf het eerste moment dat ik de kaart zag voelde ik meteen dat dit een prachtige manier zou zijn voor leerlingen met een TOS of een speciale taalbehoefte, om hun gevoelens en gedachten door middel van visualisering te ordenen en te verwerken.

      Tijdens de tweedaagse training bij Janet Schmidt werd voor mij opnieuw duidelijk dat de kaart een geweldige tool is om in te zetten bij leerlingen met een taalontwikkelingsstoornis (TOS).
      Ondanks de best lastige woorden die op de kaart staan, is de kracht van de visuele voorstellingen op de kaart zo sterk dat de kinderen hier hun eigen beleving aan kunnen koppelen. De woorden die erbij staan zijn hierbij niet storend. Het lezen van de woorden is voor kinderen niet eens nodig om tot de kern van hun eigen emoties en geveoelens te komen.

      En niet alleen TOS leerlingen, maar ook voor intervisie en probleemverheldering tussen begeleiders en ondersteuners  is de kaart bijzonder geschikt.

      Hoe werkt kind op de kaart?

      De kaart gebruikt materialen, beelden en woorden. Wanneer taal lastiger is zorgt de kaart ervoor dat je door het gebruik van de materialen en de beelden het gevoel, de diepste gedachten van iemand helder kunt krijgen.
      Bij leerlingen met een TOS is dit super waardevol. Zij hebben vaak een kleinere woordenschat en krijgen door zwakke innerlijke taalvaardigheden lastig grip en zicht op hun (innerlijke) emoties. De visuele kaart werkt hier als een soort mindmap. Alles in het gesprek blijft steeds  zichtbaar en door de materialen op de juiste manier te gebruiken worden onderlinge verbindingen zichtbaar gemaakt.
      De kaart zorgt ervoor dat je al snel de diepte in kunt gaan wanneer taal tekort schiet.

      Leerlingen kunnen met de afbeeldingen en de materialen die je erbij inzet, reflecteren op hun eigen gedachten en gevoelens.
      Ondanks dat ze er de woorden niet altijd voor hebben, is de kaart uitnodigend door de vele afbeeldingen die spreken tot de verbeelding van de leerlingen.  Ze hoeven de woorden niet te (her)kennen. Het hart trekt bijvoorbeeld fijne gevoelens aan, het strand en de speeltuin ook. Het water, het eiland of het vuurtje kunnen weer andere gevoelens oproepen.
      De essentie wordt snel en duidelijk zichtbaar gemaakt door poppetjes  en materialen op de kaart te zetten. Een diepere laag wordt aangeraakt en zo kunnen boosheid, frustratie, onzekerheid of andere gevoelen naar boven komen.
      Vervolgens komt er meer ruimte bij een kind en kan het gaan ontdekken wat het voelt, een nieuwe balans gaan zoeken.
      Hoe moet ik verder? Waar ga ik staan? Welke plek mag ik innemen? Waar vind ik mijn houvast?

      Met de kaart kun je verschillende technieken inzetten zoals familie-opstellingen.
      De kracht van een opstelling zit hem er in dat je afwisselend associeert (op de plek van de verschillende mensen staat en voelt) en dissocieert (op een afstandje kijkt en met je coach analyseert wat er nodig is). 

      Voor wie werkt de kaart?

      Voor volwassenen werkt de kaart heel goed en snel. Met de juiste coaching en vragen kom je al heel snel tot de kern van een gevoel en/of probleem.
      Het inzicht in de lijnen tussen personen en gevoelens wordt gelijk beeldend neergezet door de materialen op de kaart en door de juiste vragen ga je al heel snel de verdieping in. Je krijgt inzichten in je gedachten en gevoelens ten aanzien van de situatie die je vooraf nog niet had. Het werken op de kaart is een geweldig beeldende en krachtige manier van zelfreflectie en probleemverheldering. Dit heb ik zelf ook ervaren tijdens de tweedaagse training.

      Voor kinderen vanaf de kleuterleeftijd tot jong volwassenen werkt de kaart heel uitnodigend. Met de juiste vragen kun je met deze kaart heel mooi aansluiten bij de behoefte van iedere leerling om zichzelf te leren zien en de eigen gevoelens en gedachten te ordenen.

       

      Wat heb je nodig voor het werken met de kaart?

      Uiteraard heb je de kaart  van Janet Schmidt nodig die je via haar website kunt bestellen.
      Je kunt kiezen uit een tafelmodel  (100 cm x 70 cm) of een vloermodel (240 cm x 170 cm) .
      Bij het tafelmodel werk je met poppetjes en allerlei symbolisch materiaal.
      Bij het vloermodel ga je letterlijk jezelf op de kaart plaatsen. Vanuit eigen ervaring heb ik ontdekt dat dit ook echt iets anders met je doet. Je voelt je letterlijk ergens staan en ervaart hiermee nog meer de emoties die daarbij kunnen horen.
      Naast een kaart heb je figuurtjes nodig en allerlei symbolisch materiaal wat nodig kan zijn om het verhaal te verbeelden. Dit kunnen legopoppetjes zijn, kegelfiguurtjes van hout, plastic dieren, maar ook veertjes, schatkistjes, houten huisjes, boomschijfjes, touwtjes, enz. De kaart is beeldend en bevat woorden die symbool staan voor gedachten. gevoelens en verwerking van emoties.

       

      Waar komt de kaart vandaan?

      De kaart is ontstaan vanuit haar praktijk voor rouwverwerking.
      Janet Schmidt heeft de kaart samen met haar zus Gerda Schmidt ontworpen. Samen hebben zij  vanuit vele jaren praktijkervaring rondom rouwverwerking met kinderen in de klas en in haar eigen praktijk in Laren de kaart steeds verder geperfectioneerd. Op haar website kun je hier meer over lezen.

      Inmiddels wordt de kaart in heel Nederland en België ingezet en is er zelfs inmiddels een Duitse en een Spaanse druk in de maak.
      De kaart is goed inzetbaar bij allerlei coaching gesprekken, van intervisie met collega’s tot psycho-educatie en begeleiding van de sociaal emotionele ontwikkeling bij kinderen.

       

      Kind op de kaart, TOS en visualisering

      De kaart biedt een laagdrempelige manier om gevoelens en gedachten te visualiseren.
      Leerlingen met een TOS vinden deze manier van werken vaak fijn.  Ze durven sneller te spreken over gevoelens, omdat het verhaal zich op de kaart afspeelt. Je hoeft ook niet direct oogcontact te maken met de coach of begeleider.

      Toch kan dit voor een TOS leerling met weinig woordenschat op sociaal emotioneel gebied nog steeds problemen geven.
      Vraag een kind in zo’n geval dan bijvoorbeeld eerst neutrale figuurtjes op de kaart te plaatsen ten aanzien van het probleem of het voorval wat je wilt bespreken.
      Laat bijvoorbeeld een uit de hand gelopen spelsituatie  uitbeelden door evenveel poppetjes op de kaart te zetten en vraag aan de leerling bijvoorbeeld hoe het komt dat ze op die plek staan.
      Laat de situatie letterlijk van een afstand bekijken. De kaart biedt prachtige startpunten voor een gesprek. Met de juiste materialen kun je daarna verdiepen op het onderwerp.

      Op een later moment zou je kunnen vragen of de leerling zichzelf echt op de kaart gaat plaatsen ten aanzien van het onderwerp of het probleem. Wanneer je de vloerkaart hebt, kun je de leerling letterlijk zelf op de kaart laten staan.
      Voor TOS-leerlingen kan deze volgorde  een veilige start geven, het gaat in eerste instantie over de poppetjes, niet specifiek over het kind. 

       

      Mijn eigen ervaring op de kaart

      Tijdens  mijn tweedaagse training ervaarde ik zelf de kracht van de extra materialen. Kleine voorwerpen die symbool kunnen staan voor jouw eigen verhaalelementen.
      Zelf maakten wij tijdens de training een foto van de opstelling op de kaart. Het is fijn wanneer je na een sessie nog even kunt terugkijken.
      Voor een TOS leerling is dit ook erg waardevol. Het werkgeheugen kan snel vol raken en de innerlijke taal is bij leerlingen met een TOS vaak onvoldoende.
      Daarom is het fijn wanneer je een visueel beeld of materiaal mee kunt nemen om op te reflecteren.
      Dat kan een onderdeel zijn van het verhaal, een veertje of een ander ankertje, maar het kan ook een foto van een gedeelte van de kaart of een tekening zijn.
      Bij leerlingen met een TOS, maar ook bij andere kinderen, kun je bijvoorbeeld denken aan ondersteunend tekenen. Door middel van de kern van het verhaal mee te tekenen maak je een praatpapier wat later gebruikt kan worden om te reflecteren of te herhalen.
      Digitale vormen van verhalen vastleggen zijn ook bruikbaar in combinatie met de kaart. Je kunt bijvoorbeeld  gebruik maken van de tool app Book Creator, de app Pages of  een app zoals Storybird om de persoonlijke reis te visualiseren met foto’s, tekeningen, ingesproken boodschappen en video’s. Dit zal per kind natuurlijk steeds  anders zijn.
      Wil je meer tips voor digitaal verhalen vertellen lees dan mijn blog met tien tips.

       

       

      Mijn mening over kind op de kaart

      Aan het einde van de tweedaagse training van Janet Schmidt heb ik mijzelf op de kaart gezet op het eiland van inspiratie. Deze tweedaagse heeft mij niet alleen geïnspireerd, maar ook mijn gevoel bevestigd.  Deze kaart, in combinatie met ondersteunend tekenen, is een geweldige manier om leerlingen met een TOS te helpen op het gebied van psycho educatie.
      Alle ervaringen die ik meeneem uit de training zitten in mijn ‘schatkist’ die voor mij symbool staat voor ‘samen’ en ‘hulpbron’. Wat een krachtige tool is deze kaart!!
      Met weinig woorden kan een gesprek over zelfvertrouwen gevisualiseerd worden  op deze kaart.
      De kaart heb ik al een aantal keren mogen inzetten en geeft iedere keer weer een waardevolle beleving voor zowel mijzelf als de leerling.

       

      Feedback gevraagd

      Hoe werk jij aan psycho educatie met TOS leerlingen?  Heb jij een manier die je kunt aanbevelen? Of werk jij toevallig ook met de kaart?
      Laat het hieronder weten in een reactie.

      Samen komen we verder…

      Heb jij ook een mooie tip of een idee voor een blog? Of heb je een vraag naar aanleiding van een blog? Laat het mij weten in een reactie. 

       

      TOS en het jonge kind

      TOS en het jonge kind

      Taalontwikkelingsstoornissen bij het jonge kind

      Dit is de titel van het nieuwste boek van Bernadette Sanders.

      Ik zei het al in een eerdere review, er zijn meer boeken geschreven over TOS, maar de boeken van Bernadette Sanders  lezen steeds weer als een trein en bevatten volop inspirerende tips waardoor je de inhoud meteen kunt vertalen naar jouw praktijk.
      In deze review bespreek ik haar laatste boek over TOS en het jonge kind (0-8 jaar).

      Net als in haar andere boeken vind je weer achtergronden, handvatten en tips voor de praktijk.
      Naast een theoretische inleiding over TOS  en het spraaktaalsysteen is het boek ingedeeld in handige  informatieve hoofdstukken over de verschillende mijlpalen en bijbehorende zorg- en onderwijsbehoeften van het jonge kind.

      Want wat is TOS precies en wat kun jij doen als ouder of als professional in het onderwijs en de zorg?
      Worstel jij met deze vragen? Lees dan zeker dit boek.

      Een eerste indruk van het boek

      Ondanks mijn bijna 35 jaar ervaring in het cluster 2 onderwijs heeft het lezen van dit boek mij opnieuw op scherp gezet! Bernadette Sanders volg ik al veel langer en haar vorige boeken waren steeds weer praktisch en herkenbaar.  Naast haar boeken heb ik Bernadette in diverse webinars en op congressen horen spreken. Zij maakt TOS steeds weer inzichtelijk door de perfecte combinatie van theorie ondersteund met praktische voorbeelden.

      Het is mijn missie om TOS meer bekendheid te geven!   
      Na de boeken “TOS in de klas” voor PO en “TOS in het VO en MBO” van Sanders was het natuurlijk een logisch vervolg om het jonge kind te belichten in een derde boek.  Toen ik wist dat dit boek eraan kwam, wilde ik het dan ook direct lezen. 

      Een praktisch en bruikbaar boek

      Na het lezen van dit boek kan ik je zeggen dat het opnieuw een praktisch en bruikbaar boek is.
      Een boek wat bij iedere professional of intern begeleider die werkt met jonge kinderen van 0 tot 8 jaar niet in de boekenkast moet staan, maar op tafel moet liggen. Het zit namelijk zo vol met tips en handvatten dat 1 x lezen niet voldoende is.
      Je moet het boek bij de hand houden, en af en toe een relevant hoofstuk teruglezen. Op die manier maak je ten volle gebruik van alle waardevolle informatie die Bernadette Sanders in dit boek gebundeld heeft.
      Alle hoofdstukken belichten een specifiek onderdeel met handvatten, praktische voorbeelden en tips.
      Aan het eind vind je weer  handige bijlagen.
      De ELS (Early language scale), het nieuwe screeningsinstrument met betrekking tot de taalontwikkeling van het jonge kind tot 6 jaar, is opgenomen. Ook de volledige anamnese Meertaligheid vind je hier terug. Daarnaast vind je een lijst naar handige websites over taalontwikkeling en TOS.

      Diverse invalshoeken per hoofdstuk

      Taalontwikkeling bij het jonge kind is een van de belangrijkste ontwikkelgebieden en vraagt om specifieke handelingsadviezen.
      Per hoofdstuk is er ruimte gemaakt voor allerlei facetten die belicht worden.
      Het boek is overzichtelijk ingedeeld, wat het heel handig maakt als naslagwerk.
      Zo is er een hoofdstuk over vroegtijdig signaleren van TOS met tips over het niet-pluis-gevoel, de diagnostiek, de rode vlaggen en mijlpalen en de gevolgen op lange termijn.
      Er is ook een hoofdstuk over meertaligheid , meertalige logopedie, over VVE, vroegbehandeling en de verbinding met ouders.
      In een volgend hoofdstuk is er aandacht voor de sociaal-emotionele ontwikkeling bij kinderen met TOS en niet-passend gedrag als gevolg van een negatief zelfbeeld of hulpvraag.
      Verder komt het belang van de  executieve functies in de leeftijd van 0 tot 8 jaar aan bod met tips voor instructies in de voorschoolse periode en de onderbouw van het basisonderwijs.
      Het laatste hoofdstuk beschrijft de overstap vanuit de peuterspeelzaal naar de onderbouw van het basisonderwijs, de uitbreiding van de schooltaal en de specifieke ondersteuningsbehoefte van het jonge kind.
      Ook wordt in dit hoofdstuk de invloed op het leren lezen en rekenen en de connectie met dyslexie in de onderbouw beschreven.

      Mijn mening

      Zoals ik al zei hoort dit boek op iedere tafel van een professional te liggen die in de praktijk werkt met kinderen in de leeftijd tot 8 jaar. 
      Zowel in de zorg, de voorschoolse opvang  als in het onderwijs is vroegsignalering van kinderen met een taalontwikkelingsstoornis nog steeds niet voldoende op peil. Er worden nog veel kinderen gemist.
      En  dat terwijl TOS bij 5 tot 7% van de bevolking voorkomt.
      De taalontwikkeling is het vehikel voor alle andere ontwikkelgebieden en verantwoordelijk voor succes in het onderwijs. Een TOS mag daarom niet gemist worden bij screening en begeleiding.
      Het belang van vroege signalering van TOS en passende interventies  is met dit boek weer duidelijk en zeer compleet op de kaart gezet.

      Heb jij het boek al gelezen?

      Taalontwikkelingsstoornissen bij het jonge kind
      (0-8 jaar)
      Doelgroep: PSZ, VVE, SWV, PO, Zorg
      Uitvoering: paperback
      Formaat: 17 x 24
      Omvang: 287 pagina’s
      ISBN 9789401478403
      Auteur(s): Bernadette Sanders 

      Eerder verschenen

      In dit eerste boek van Bernadette Sanders beschrijft ze de taalontwikkelingsstoornis met bijbehorende hulpvragen en interventies in het basisonderwijs.

      Klik hier om mijn review van dit boek te lezen.

      Wil jij creatief aan de slag met taal en digitale tools?

      Bekijk dan al mijntrainingen in de Digitaalspeciaal Online Academy!

      Volg vanuit je eigen huiskamer op jouw eigen tempo en tijdstip mijn online trainingen en masterclasses.

      Via deze mailinglijst ontvang je meteen een kortingscode waarmee je kortingen kunt krijgen tot 50%!
      Ook ontvang je als eerste het laatste nieuws over de Digitaalspeciaal Online Academy.

      Bedankt! Je bent succesvol ingeschreven. Ik beloof je dat ik je niet ga spammen, wil je echter toch uitschrijven dan kan dat natuurlijk altijd onderaan elke mail. Bij Gmail en Hotmail komen mijn mails vaak in SPAM terecht. Wil geen enkele mail missen? Voeg mijn mailadres dan toe aan jouw lijst met vertrouwde contacten of bij Gmail aan de mailbox Primair. Groet, Marita

      Pin It on Pinterest