Bordwerk en visualiseren

Bordwerk en visualiseren

Bordwerk en visualiseren

Bordwerk, een nieuw concept?

In dit blog  review ik het boek Bordwerk en aantekeningen van Marcel Schmeier. De titel gaf mij in eerste instantie het idee dat dit een nieuwe kijk zou zijn op visualiseren in de klas. Dit blijkt niet het geval, maar desondanks heb ik het met veel plezier doorgelezen.

Vanuit mijn werk met leerlingen met een taalontwikkelingsstoornis en hun afhankelijkheid van goede visualisering van een les was ik erg nieuwsgierig naar de inhoud van dit boek.

Hieronder kun je lezen wat ik uit dit boek heb gehaald voor mijn werk als ambulant dienstverlener cluster 2. 

De inhoud van het boek

Het boek is opgebouwd uit 5 hoofdstukken en heeft totaal 184 pagina’s.

Het begint met een hoofdstuk over de geschiedenis van het bordwerk in de klas. Hier kun je lezen hoe men in de oudheid en later in de daaropvolgende eeuwen lesgaf en wie het schoolbord heeft uitgevonden. Verder deelt de schrijver collectieve onderwijskennis over bordwerk.

Het hele boek , en ook dit hoofdstuk, is doorspekt is met voorbeelden waarmee je meteen een beeld krijgt van goed en doordacht bordwerk. 

De schrijver spreekt van collectieve onderwijskennis over bordwerk, de kennis van alles wat de leerkracht op het bord schrijft ter verduidelijking van de mondelinge uitleg  en wat bijdraagt aan het behalen van het lesdoel.

Het gaat dus om didactisch bordwerk en niet om kunstzinnige bordtekeningen zoals je vaak ziet bij verjaardagen of feesten.

Het lesdoel van het boek

Hiermee is de toon gezet. De schrijver geeft in dit hele boek eigenlijk een les over het gebruikmaken van visualisaties in de klas. En dan bedoelt hij niet een plaatje toevoegen van internet, of een lijstje met icoontjes ophangen voor het dagrooster. 
Nee, hij bedoelt hiermee het stevig visueel opbouwen van je lesinhoud. Jouw leerlingen meenemen op een visuele reis door  de les. 

(Foto via Twitter@onderwijsgek)

 

Foto via Twitter


Effectief bordgebruik

Vanuit kennis uit het verleden en oude bronnen komt de schrijver van dit boek tot 5 aspecten voor effectief bordgebruik.

5 aspecten voor effectief bordgebruik

  1. Ondersteun je mondelinge instructies met beelden
  2. Breng ordening aan
  3. Laat bordwerk langzaam ontstaan
  4. Laat leerlingen bordwerk overnemen en aantekeningen maken
  5. Zorg voor herhaling

Deze 5 aspecten kun je mijns inziens rechtstreeks overnemen wanneer je na gaat denken over visualiseren bij leerlingen met een taalontwikkelingsstoornis (TOS).

TOS leerlingen en effectief visualiseren:

  • Extra ondersteunen van auditieve informatie
  • Ordening brengen  in de gegeven informatie
  • Een langzame opbouw van de lesinhoud bieden
  • Ruimte en tijd  krijgen voor taalverwerking zodat het werkgeheugen niet overbelast wordt
  • Veel herhaling bieden voor succeservaring en goede implementatie van de kennis

Mijn persoonlijke toevoeging:
Zorg voor een ankerplek in je klas, waar de leerling een bordschets of bordschema terug kan vinden. Denk daarbij bijvoorbeeld aan een taalmuur.
Met de digitale borden van tegenwoordig is een print van een bordschets of schema snel gemaakt. Dit sluit goed aan bij de inhoud van het derde hoofdstuk.

 

Een voorbeeld voor je leerlingen

In het boek kom je heel veel voorbeelden tegen van bordschetsen en aantekeningen waarbij je de leerlingen ook opdrachten geeft om het bordwerk na te tekenen en aan te vullen. 
Hiermee kom je bij TOSleerlingen tegemoet aan de vraag om tijd. Taalverwerking kost meer tijd bij deze leerlingen. Taal vervliegt sneller, wanneer je tussendoor dingen kunt noteren en visualiseren beklijft de informatie beter.
Zelf ga je vertragen doordat je meer tijd gaat besteden aan je bordwerk, dit vertraagt je les.

Door ordelijk en netjes te werken, zonder haast en met een duidelijke opbouw ben je in meerdere opzichten een voorbeeld voor je leerlingen.
Het is mooi om te ontdekken hoe bordwerk ook weer aansluit bij de doelstellingen en gedachten achter ondersteunend tekenen bij TOS. 

 

Van analoog naar digitaal

In het tweede hoofdstuk van dit boek lees je meer over de opkomst van het digibord, over didactische dilemma’s rondom gepersonaliseerd onderwijs en opmerkelijk genoeg over heel veel leerkrachten die naast het digibord met zijn vele mogelijkheden, ook graag een versie van het oude krijtbord terug willen in hun lokaal en dat inmiddels ook voor elkaar hebben gekregen.

Het gedeelte over aandacht , concentratie en focus heb ik met extra aandacht doorgelezen. Schermtijd is een groot discussiepunt, het digibord is tenslotte ook een beeldscherm.
Zeker in tijden van de lockdown  willen we niet dat de kinderen teveel tijd achter een scherm doorbrengen.

Het pleidooi om een balans te vinden tussen analoog en digitaal lesgeven onderschrijf ik. Gebruik een digibord wijs, zet het in zoals het bedoeld is. Gebruik het voor bijvoorbeeld de 3D modellen, bewegende beelden om de kennis van de wereld binnen  te halen en lesstof interactief te maken. Durf daarnaast te kiezen voor bordschema’s en aantekeningen die de leerlingen kunnen en mogen overnemen.

Dit geeft een goed moment van focus, rust en stilte. Dit versterkt het groepsgevoel en leert kinderen meteen een studiehouding aan. Focus in een wereld vol afleiding vraagt om klaslokalen met rust.

Bron: Blz 82: Bordwerk en aantekeningen, Marcel Schmeier 

Bordwerk in de 21e eeuw

In het derde hoofdstuk vind je een aantal goede tips en belangrijke elementen over bordwerk en de verschillende borden die tegenwoordig in alle klassen te vinden zijn.

  1. De kracht van schrijven op het schoolbord is dat de inhoud van de les langzaam wordt gedeeld met de leerlingen. Dit noem ik ‘slow teaching’.
  2. Goed bordwerk activeert de leerlingen. laat ze daarom overnemen, aanvullen, verklaren en stel er vele vragen over.
  3. Zorg ervoor dat het bord voor iedereen goed zichtbaar is, ook vanaf de zijkanten en achterin de klas.

Bron: blz 88: Bordwerk en aantekeningen, Marcel Schmeider

Voorbeelden en inspiratie

In het derde hoofdstuk vind je voorbeelden van bordwerk met veel afbeeldingen en quotes van onderzoekers.

In het vierde hoofdstuk lees je meer over de kracht van aantekeningen en de verschillende soorten aantekeningen zoals Cornell-aantekeningen, Visuele aantekeningen en kenniskaarten. Vooral ook handig voor de minder begaafde tekenaars onder ons.

In het laatste hoofdstuk vind je tenslotte mooie kleurrijke voorbeelden van prachtige bordwerk en aantekeningen van leerlingen. Ingestuurd door leerkrachten uit heel Nederland en België.
Hierdoor krijg je meteen zin om morgen aan de slag te gaan met beter bordwerk in jouw klas.

Bordwerk, visualiseren en de TOSleerling

Na het lezen van dit boek ben ik zeer zeker geïnspireerd geraakt door de vele voorbeelden van bordwerk en aantekeningen om meer te gaan doen met visualiseren.

Vooral het pleidooi om het whiteboard, wat vaak naast een digibord hangt, effectiever te gaan gebruiken voor een bordschema of aantekeningen spreekt mij erg aan. Om dit langzaam gedurende de les of de lesweek te laten staan en steeds verder aan te vullen. Dit vergt voor heel veel leerkrachten een stukje omdenken. Die whiteboards worden nu voornamelijk ingezet voor dagroosters, korte reminders of terloopse notities. Wat als we dit nu eens anders zouden gaan doen? 

De  5 aspecten voor effectief bordgebruik sluiten heel goed aan bij de onderwijsbehoeften van heel veel leerlingen, maar zeker ook bij die van TOSleerlingen.

Wanneer een TOS leerling ambulante begeleiding krijgt is vraag om visualiseren in heel veel ondersteuningsdocumenten terug te vinden.
Hoe en wat dit inhoudt wordt helaas lang niet altijd uitgelegd aan de leerkrachten die het daadwerkelijk moeten gaan uitvoeren.
Met dit boek heb je hierbij een goede aanvulling voor die leerkrachten die vragen hebben bij de praktische invulling hiervan.

Het boek is zeker ook een aanrader voor iedereen die zich meer wil verdiepen in visualiseren en visueel lesgeven in de klas. Heel veel leerlingen zullen erbij gebaat zijn.
Veel oudere leerkrachten zullen dingen herkennen uit vroeger tijden, toen het krijtbord nog in de klas hing.
Ik ben benieuwd of we met dit boek het ‘slowteachen’ met behulp van goed opgebouwde visualiseringen weer in ere kunnen herstellen in de klaslokalen van nu!

 

Boekgegevens

Doelgroep: po/vo

ISBN 9789492525994
Omvang: 184 pagina’s
Uitvoering: paperback

Auteur: Marcel Schmeier

Uitgeverij Pica € 16,95

 

Gratis download

Bij het boek hoort een gratis download zoals je die hierboven ziet. 

Klik op de afbeelding om te downloaden.

Hoe gebruik jij je digibord en je whiteboard in de klas?

Samen komen we verder…

Heb jij ook een mooie tip of een idee voor een blog? Of heb je een vraag naar aanleiding van een blog? Laat het mij weten in een reactie. 

 

Kinderboekenweek, en toen…

Kinderboekenweek, en toen…

De kinderboekenweek gaat bijna van start!

Het is weer bijna zover, de kinderboekenweek 2020 gaat op 30 september van start en heeft dit jaar als them: En toen…

In dit blog meteen wat tips voor het thema van de kinderboekenweek 2020.

Tijdens deze Kinderboekenweek gaan we dus terug in de tijd.

Boeken brengen geschiedenis tot leven, waardoor de wereld van vroeger tastbaar wordt. Lees spannende verhalen over ridders, verplaats je in oorlogstijd of kom van alles te weten over de Oudheid. Je hebt geen tijdmachine nodig om andere tijden te ontdekken. Verken alle werelden van toen door het lezen van boeken!

@Kinderboekenweek.nl

Heb jij een leeshoek in de klas?

Hieronder zie je een voorbeeld van een leeshoek.
Speciaal voor de kinderboekenweek is het wel eens goed om je leeshoek onder de loep te nemen.

In onze leeshoek stonden altijd zowel gewone boeken als digitale boeken.
De digitale boeken hadden we zelf aangemaakt. Een digitaal luisterboek van dezelfde boeken als die in de kring werden aangeboden.
Met de tool Book Creator is dit een fluitje van een cent.
Daarnaast hadden we een aantal apps van met prentenboeken.

Lees hier meer over hoe jij de tool Book Creator ook kunt leren inzetten.

Bij iedere hoek hing een hoekenkaart. Tijdens een inloop konden ouders hierdoor duidelijk zien wat we leerden in de betreffende hoek.
Laaggeletterdheid is een steeds groter wordend probleem in Nederland, en de kinderboekenweek is een mooie aangelegenheid om hier iets actief tegen te doen. 

Klik op de afbeelding voor meer informatie over laaggeletterdheid, wat jij er zelf aan  kunt doen en download een gratis van set van vier hoekenkaarten.

En toen….waren er dino’s!

Denk je aan terug in de tijd dan denk je bijvoorbeeld aan vroeger; opa en oma, ridders en prinsessen of dinosaurussen.
Maar er zijn natuurlijk heel veel thema’s die je aan deze kinderboekenweek kunt koppelen.

Waarschijnlijk heb je daar zelf al een tijdje over nagedacht. Toch wil ik je nog even op weg helpen met wat tips, mocht je nog wat inspiratie kunnen gebruiken.

Sprookjes in de klas

Met het thema sprookjes in de klas kun je natuurlijk heel veel kanten uit. Lees hier verder hoe wij dit hebben aangepakt.

Thema opa en oma

Met dit thema blijf je dicht boij de bvelevingswereld van de kinderen en er zijn tal van leuke uitstapjes te bedenken waarmee je de groep meeneemt naar die tijd van toen. IN 2016 was voor altijd jong het thema van de kinderboekenweek.

Terug in de tijd, heel lang geleden!

Je kunt natuurlijk naar heel lang geleden gaan, de tijd van de dino’s.

Daar heb ik een tijdje terug ook als thema aan gewerkt en het was een thema met ontzettend veel invalshoeken wat bij de kinderen echt nog lang is bijebleven.

Want wie houdt er nu nou niet van die spannende beesten.

Terug naar de Dino's

Lees hier hoe wij dit thema hebben aangepakt in de klas.

KET project

Dino's bestaan niet

Lees hier meer over het speciale KET project van de kleuteruniversiteit.

10 digitale dinotips !

Van Kahoot tot Omnidu en Augmented reality. Met dino’s kun je heel veel digitale dingen doen.

Wat ga jij kiezen?

Met welk thema ga jij aan de slag?

10 Digitale tools met het dino thema

10 Digitale tools met het dino thema

Digitaal aan de slag met thema dino’s

Met het thema dinosaurussen kun je heel veel kanten op. Eerder schreef ik al over het thema in de klas vanuit allerlei leerdoelen bekeken.
In dit blog zet ik wat digitale mogelijkheden op een rijtje.

Digitale Dino top 10

 Bekijk hieronder mijn 10 favoriete digitale tools voor het thema dinosaurussen in de klas.

 

1. Kahoot met dino’s (klik hier)

Ga naar mijn zelfgemaakte  Kahoot en leer alles over dino’s .
Interessant om aan het begin en aan het einde van een thema te spelen om te zien wat er allemaal geleerd is.

2. Omnidu over dinosaurussen 

Een platform met woordenschatoefeningen in het dinothema.
Voor deze speciale omnidule ga je naar www.omnidu.nl en zoek in het zoekvenster naar “terug naar de dino’s”.

AH dino app

3. Augmented reality met de Albert Heijn app (klik hier)

Met deze gratis app gaat Freek Vonk op zoek naar dino’s. Heb je toevallig de kaartjes van AH nog liggen? Dan kun je ze scannen en zie je de dino’s door de klas lopen.

4. Bewegend leren in het Dino thema

Bewegen met Meester Sander. Hij leert je hier de cijfers tot 20 met lekker veel bewegen erbij. Ideaal voor op het digibord dus.

5. Dinosaurus in 3D op je digibord

Wanneer je dit filmpje op je digibord zet, kun je met je vinger over het digibord swipen om rond te kijken in de dinowereld.

LET OP!! dit kan voor sommige kinderen best spannend zijn.

6. Engels Dinosaurus lied (tellen)

Zing dit grappige liedje mee en leer tellen in het Engels.

7. Dino skelet in het museum

Een aflevering van jeugdjournaal. (klik hier)
In dit filmpje zie je de botten die gevonden zijn en hoor je een echte archeoloog aan het woord.

8. Hoe zijn de dino’s uitgestorven?

Een educatief filmpje van Clipphanger

9. Breng de vulkaan tot uitbarsting

Met de gratis quiver app breng je met een bijbehorende kleurplaat in augmented reality een vulkaan tot leven leven. Wil jij de kleurplaten inzetten in de klas? Gebruik dan de betaalde Edu variant van de Quiver app. Met de gratis variant kun je alleen de vulkaan scannen.
(klik hier voor de gratis app)

app playmobil

10. Playmobil gratis app: bevrijd de dino’s.

Reis met de Explorers Emma, Nick, Will en hun hond Sammy naar het geheime eiland Roca! Tijdens hun onderzoek naar oude ruïnes worden ze echter verrast door een kudde levende dinosauriërs.

(klik hier)

Zoals je ziet zijn er heel veel digitale tools en apps die in dit thema passen. Veel plezier met dit spannende thema.Klik hieronder voor mijn andere artikelen over dit superleuke thema.

 

KET project

Ga jij aan de slag met deze digitale tools?

Welke tool ga jij uitproberen?

Taalmuur in de klas? 10 tips op een rij

Taalmuur in de klas? 10 tips op een rij

Taalmuur in de klas? 10 tips op een rij

De taalmuur in de klas

heb jij hem al ?

     

    Taal en Woordenschat 

    Taal  is de basis voor je ontwikkeling, alles in het dagelijkse leven draait om taal, iedereen gebruikt taal. Een taalmuur in de klas levert een grote bijdrage aan de visuele ondersteuning van de taalles voor TOS leerlingen. Taal is het voertuig van het leren. Maar zonder een woordenschat op leeftijdsniveau is taal lastig, goede communicatie wordt vaak onbereikbaar, begrijpend luisteren en lezen gaat moeizaam en communicatieve redzaamheid geeft flinke problemen. Een taalmuur kan hier hulp bieden voor de leerling.

    Dagelijkse sociale interactie en taalonderwijs op school leveren een grote bijdrage aan de ontwikkeling van de woordenschat van een kind.
    Veel lezen draagt ook enorm bij aan het ontwikkelen van een grote leeswoordenschat. Op het einde van de basisschool is de gemiddelde omvang van de leeswoordenschat 15000 woorden volgens Aarnoutse en Verhoeven (2003)

    Waarom een taalmuur in je klas?

    Met een taalmuur geef je de leerlingen een visueel ankerpunt. Een centrale plek waar ze alles rondom de woordenschat, de taalregels en de gevoerde gesprekken of behandelde thema’s kunnen terugvinden.

    Dit geeft taalsteun voor de taalzwakke leerlingen of de leerlingen met een TOS.  Voor jezelf is het meteen een dagelijkse reminder om je consolideeroefeningen te plannen en een handige plek om naar terug te verwijzen bij uitleg of herhaalde instructie.

    Kies voor ruimte en zichtbaarheid

    Kies voor een zichtbare plek, niet achterin de klas maar voorin of aan een zijwand.
    Houdt meteen rekening met lichtinval, op een raam is niet echt een fijne plek dus.
    Kies ook voor ruimte en formaat. Een A4 is niet leesbaar achterin en bijvoorbeeld een rood papier met zwarte letters leest ook lastig op een afstandje.

     

    De taalmuur zorgt voor rust

    Door een centrale plek te creëren houd je ook de broodnodige rust in je lokaal. Niets is zo storend als een lokaal met overal en nergens allerlei reminders, posters, kalenders en meer van dat soort dingen. Bewaar daarom ook een aparte plek voor de taalmuur, baken hem af, dat geeft rust en structuur.
    Je kunt dit bijvoorbeeld doen met gekleurd isolatietape op de muur (makkelijk te verwijderen) of door een groot prikbord of whiteboard op te hangen.

    Voor de volledigheid pleit ik hier meteen ook voor een rekenmuur, er zijn veel begrippen, regels of afkortingen binnen het rekenonderwijs die met een visuele ondersteuning op de rekenmuur voor veel leerlingen een fijne reminder of een extra hulp kunnen bieden.

     

    Bouwen aan een semantisch netwerk

    Woordenschat is vaak een stukje taalonderwijs wat wel als aparte leerlijn wordt gezien , maar waar men soms niet zo goed raad mee weet. Natuurlijk staat er in de taalboeken woordenlijsten en worden er bij thematisch onderwijs trouw per thema woorden gekozen of gezocht, maar dan…hoe ga je daar mee verder?
    Een goede woordenschatopbouw is immers cruciaal voor de algehele taalontwikkeling en het leesproces. Lees hier verder over tips voor TOS in de klas

      Eén keer samen de betekenis opzoeken van een themawoordenlijst, daarna voor een dictee die woordenlijst uit het hoofd leren, dat is spellingonderwijs.
    Hierdoor leer je geen betekenis maar alleen het woordbeeld en de spelling, je leert echter onvoldoende woordbetekenissen en woordgebruik.

    Je kunt heel veel woorden kennen, dat betekent nog niet dat je ze ook kunt gebruiken.
    Binnen woordenschatontwikkeling is naast een goede uitbreiding en een goede verdieping, ook een goede opslag in het brein  erg  belangrijk om woorden weer gemakkelijk terug te vinden in je geheugen, zodat je ze daarna ook adequaat kunt gebruiken.  Woorden moeten verankerd worden in het geheugen en gekoppeld worden aan de eigen kennis van de wereld.

    Binnen het “netwerk” van het brein moet je op de juiste “schijf” het juiste “document” kunnen opslaan en terugvinden!

    Dit “document” in de hersenen moet dan daarnaast goed gevuld zijn met de juiste informatie.
    Woorden moeten dus verankerd en vindbaar zijn in het geheugen. Dit noemt men ook wel een goed “semantisch netwerk”. 
    Om dit te bewerkstelligen zul je  intentioneel woordenschat moeten aanbieden met vaste routines en dit vervolgens visualiseren op een taalmuur. 

    Tips om met grafische modellen aan de slag te gaan

     

    Wil je aan de slag met grafische modellen? Ga dan zeker kijken op de site van Rezulto en klik op het tabblad:  Met woorden in de weer: praktijkmateriaal.

    Hier vind je naast veel informatie over de viertakt van Verhallen en de kwaliteitskaarten voor alle onderdelen van de viertakt , ook een aantal handige downloads waarmee je zelf woordwebben, woordparachutes en woordkasten en woordtrappen op je digibord kunt  maken. Hieronder zie je voorbeelden van de diverse downloads die op de site staan.

    Wanneer moet ik dit doen?

    Vaak hoor ik van leerkrachten dat ze de modellen niet gebruiken, omdat het er gewoonweg niet van komt.
    Mijn tip: kopieer een aantal lege modellen op minimaal A3 formaat en leg die bij de taalmuur klaar.
    Je kunt dan op ieder geschikt moment, tijdens een uitleg, in een leesles of tijdens een instructie een grafisch model invullen, samen met de leerlingen. Op deze manier is het betekenisvol en werkt het als een visuele kapstok voor de auditieve informatie. Ondersteun dit met simpele tekeningen of  afbeeldingen van het internet die je er later bijplakt. Geef eventueel bij oudere leerlingen op een later tijdstip de mogelijkheid om er bijpassende afbeeldingen bij te zoeken op het internet.

    Praktijkmaterialen voor de taalmuur

    Wanneer je op de site van Rezulto bent, bij het tabblad praktijkmaterialen, vind je daar onder meer de volgende gratis downloads:

    • Les voorbereidingsschema’s voor de viertakt (een uitgebreide en een  verkorte versie)
    • Een formulier voor registratie  in de groep (welke woordclusters je hebt behandeld en wanneer)
    • Een woordwebben Powerpoint met uitleg over hoe je de diverse formats kunt gebruiken
    • 16 gratis formats van woordparachutes, woordkasten woordtrappen die je zelf op je digibord kunt vullen.

    Hoe download je deze  voorbeelden?

    1. Ga je op een afbeelding staan met je cursor
    2. Klik je met je linkermuisknop op de afbeelding
    3. Er volgt nu een menu om deze afbeelding te downloaden als powerpoint.
      4. Wanneer je daarna deze powerpoint (van steeds 1 pagina) opent en je klikt op de knop “bewerken inschakelen” , dan kun je hem aanpassen en vullen met jouw woorden en afbeeldingen. 

    TIP: Wanneer je binnen deze powerpoint kiest voor pagina dupliceren, kun je de originele, lege pagina bewaren en de andere steeds vullen.  Zo creëer je in diezelfde powerpoint een serie van dezelfde parachutes.

    Je kunt er ook voor kiezen om de parachute op te slaan (en eventueel af te drukken) als PDF. Je kunt er dan niets meer aan veranderen maar het lege origineel in de powerpoint wordt dan ook bewaard.

    10 tips voor een taalmuur

    1. De plaats in het lokaal

    Bedenk goed welk plekje je kiest in de klas. Het mag een grote plek zijn, maar het moet wel afgebakend zijn en overzichtelijk blijven. Een taalmuur die eindeloos is, kan erg rommelig worden. Trek bijvoorbeeld een omlijning met tape op je muur en werk altijd van links naar rechts.

    2. Vol = vol

    Ververs met regelmaat de inhoud van de taalmuur. Eindeloos dingen laten hangen heeft geen effect.  Wanneer je thematisch onderwijs geeft, houd dan deze periode aan en begin een nieuwe muur bij een nieuw thema.
    Heb je een aantal vaste regels of nieuwe woordsoorten, laat die bijvoorbeeld op een hoek van de muur hangen zolang het nodig is.

    3.  WOordbewustzijn bij de leerlingen

    Het is te allen tijde belangrijk om alle kinderen een houding aan te leren om zich bewust te worden van woorden die ze (nog) niet kennen. Met de taalmuur heb je hier een visuele reminder voor. Zodra je een lastig woord tegenkomt in je les, bij welk vak dan ook, kun je samen beslissen of dit woord op de taalmuur thuishoort. Doe dit hardop denkend voor. Blijf dit herhalen.  Noteer niet alle moeilijke woorden, maak keuzes hierin.

     

    4. Strategieën aanleren

    Om kinderen strategieën aan te leren waarmee ze nieuwe woorden kunnen leren, is een taalmuur een goed middel. Laat ze alert worden en actief meedenken over de inhoud. “Hé, dat is een nieuw woord, kennen we dit woord al? Waar heeft het mee te maken? Kunnen we er iets over opzoeken? Welk deel van het woord kennen we al wel? Met welk woord heeft dit een verband?” (denk aan vergrotende trap, tegenstelling, categorie, enz)
    Leer ze bewust aan wat ze kunnen doen met een taalmuur en hoe ze hem kunnen gebruiken of zelfs aanvullen.

     

    5. Modeling met een taalmuur

    Het is belangrijk om als leerkracht een voorbeeldrol te spelen door woordenschat een belangrijke en (visueel) zichtbare plek te geven in de dagelijkse lessen. Vakoverstijgend woordenschatonderwijs en aandacht voor taal, klanken en letters geef je liefst een aparte plek in de klas, dit kun je doen door het gebruik van een taalmuur.
     

    6. Aandacht voor netwerken

    Er moet aandacht zijn voor semantische netwerken, figuurlijke taal, homoniemen, synoniemen, schooltaalwoorden zoals vaktaal, verwijswoorden, lidwoorden, werkwoorden, begrippen, tegenstellingen, aanwijswoorden, enz.
    Deze geef je het beste een (vaste) plek op een taalmuur. Dit kan al vanaf groep 2.

     

     7. Maak taal zichtbaar met een taalmuur

    In de onderbouw moet er expliciet aandacht zijn voor woordenschat en de klanken van taal. Het fonemisch bewustzijn moet getraind worden, dit maak je zichtbaar op de taalmuur. Laat bijvoorbeeld zien dat woorden rijmen met kleur of laat zien dat woorden het tegenovergestelde betekenen met een woordkast.  Taal is auditief en vervliegt daarom makkelijk, met een taalmuur geef je een visuele plek aan die taal.
    De taalmuur is een visueel handvat voor zowel de leerkracht als de leerling.
    Laat kinderen door de dag heen alert zijn op bepaalde beginklanken, eindklanken of rijmwoorden. Horen ze er weer een, dan wordt die toegevoegd op de taalmuur.
    Door het visualiseren van de rijmwoorden, de beginklanken en de eindklanken, gaan kinderen letterlijk zien wat je bedoelt. Vooral bij taalzwakke kinderen is dat erg belangrijk! 

     

    8. Aandacht voor taalvorm en zinsbouw op de taalmuur

    Gebruik functiewoorden zoals lidwoorden en voegwoorden of verwijswoorden en sta expliciet stil bij de functie van verwijswoorden of voegwoorden in een zin.
    Voor verwijswoorden kun je met een pijl boven de zin werken.  Je kunt lidwoorden en andere woordsoorten bijvoorbeeld een vaste kleur geven. Geef aandacht aan functiewoorden door er een vast gebaar aan te koppelen. Dit wordt bijvoorbeeld ook gedaan in de methode “zien is snappen”. Zij gebruiken bij het lidwoord “de” altijd een vast gebaar ( duim omhoog) , zodat je visueel duidelijk maakt dat dit een los woord is.

     

    9. Maak leerlingen eigenaar van de taalmuur, creëer woordbewustzijn

    Een taalmuur moet iets van de leerlingen worden, zij moeten hem gaan gebruiken, ermee aan de slag te gaan en zo mede eigenaar te worden van hun taalleerproces. Laat ze daarom zelf afbeeldingen zoeken, mindmaps aanvullen of tekeningen maken voor de taalmuur. Zelfgemaakt betekent vaak meer en blijft beter hangen dan een prachtig strak voorbeeld van de leerkracht. 

    10. Vergeet niet te consolideren

    Er moet met vaste regelmaat geconsolideerd worden, de taalmuur is hiervoor een visueel handvat voor zowel de leerkracht als de leerling. Bespreek woorden en kom er gedurende een week een aantal keren op terug. Je kunt er een spelletjes bij bedenken zoals raadsels of omschrijvingen van het woord. Bedenkt hier een vaste routine voor.
    Hang bijvoorbeeld een poster naast de taalmuur op met daarop een dobbelsteen en 6 spelvormen.  Of zet een grabbelpot op je bureau met kaartjes met consolideerspelletjes erop en laat elke middag iemand een spelvorm grabbelen.
    Speel bijvoorbeeld het spel: ‘raad het woord’ (neem een woord in gedachten en laat de leerlingen raden welk woord het is door vragen te stellen waarop je alleen met ja of nee mag antwoorden) 

     

    Een picto voor een op hoofd
    Mindmap voor de taalmuur
    Taalmuur overzicht op een raam
    Vraagpicto voor de taalmuur

    Op zoek naar voorbeelden?

    Kijk op mijn Pinterest pagina:  Een taalmuur in de klas.

    Schoolbordportaal is vernieuwd!

    Schoolbordportaal is vernieuwd!


    Schoolbordportaal is vernieuwd!

    ken jij de vernieuwde site van schoolbordportaal al?Het was altijd al een handige site, maar laat ik je vertellen wat er nieuw is.

     

    Je weet vast wel dat ik echt fan ben van Yurls, de site waarop je links, filmpjes en andere URLS kunt verzamelen.
    Naast het gebruik van Yurls kan ik je echter ook de vernieuwde website van schoolbordportaal aanbevelen.

    De nieuwe naam is www.basisonderwijs.online.nl

     

    Op deze site vind je alle vertrouwde informatie terug die je waarschijnlijk nog wel kent van schoolbordportaal. 
    Handig vind ik de link naar alle werkboekjes die er te vinden zijn. Het filteren op thema of groep doe je in het linkse en het bovenste menu van de site. 

     

    Nieuw op deze site:

     

    Werkbladen die passen bij de eigen methode

     

    Wanneer je kiest aan de linkerkant in het menu voor taal en categorie zie je vervolgens bovenaan vier tegels waaruit je kunt kiezen:

    • werkbladen
    • dictee oefenen
    • spelletjes
    • flitsoefeningen

    Ga naar een van deze tegels en kies vervolgens de, jouw leerjaar, jouw methode en eventueel een bijbehorend pakket.
    Er komt dan een serie werkbladen of dictee’s passend bij jouw leerdoelen tevoorschijn.
    Bij de dictees en de werkbladen kun je de PDF vervolgens met 1 klik downloaden en met een andere knop het blad of het dictee fullscreen op je digibord openen.

     

     

    Methode onafhankelijk oefenen

     

    Wil je methode onafhankelijk oefenen met bijvoorbeeld een spellingcategorie,  kies dan voor een een methode onafhankelijke oefening.
    De site brengt je vervolgens meteen naar de juiste oefenstof, auditieve dictee’s , spelvormen of flitsoefening.
    Super handig dus. 

    Ook voor technisch lezen, allerlei handige oefenbladen die je rechtstreeks fullscreen op je digibord kunt zetten. 

     

    Werken met kleuters

    Voor kleuters kies je in de bovenste menubalk voor groep 1-2 en kies je vervolgens links voor leermiddelen of rechts voor apps.
    Voor deze groepen vind je onder meer mooie digibordlessen, spellen of leuke time-timers.

     

    Digitale prentenboeken op thema.

    Wanneer je kiest voor groep 1-2 en vervolgens voor prentenboeken, krijg je meteen een lange lijst met thema’s  waarbij je dan rechts de links naar de bijpassende digitale prentenboeken ziet staan.
    Een mooie manier om je prentenboek extra visueel te ondersteunen met je digibord.

     

    Hoe zet je dit in voor thuis?

    Bekijk hier de mogelijkheden van de site voor onderwijs op afstand

    Een aanrader voor het digibord

     

    Deze site blijft superhandig voor het digibord, je vindt er eigenlijk alles voor je klas en meer. De vernieuwde look is handig en gebruiksvriendelijk, een aanrader dus

     

    Heb jij nog aanvullingen?

    Laat het hieronder weten in een reactie

    De nationale voorleesdagen

    De nationale voorleesdagen

    De nationale voorleesdagen komen er weer aan

     

    De Nationale Voorleesdagen 2020 worden op woensdag 22 januari ingeluid met Het Nationale Voorleesontbijt en duren tot en met zaterdag 1 februari.

    Doelstelling van deze jaarlijkse campagne is het stimuleren van voorlezen aan kinderen die zelf nog niet kunnen lezen. De doelgroep zijn ouders van kinderen tussen ½ en 6 jaar. 

    Ga jij aandacht besteden aan de nationale voorleesdagen?
    Hoe ga je dit in het vat gieten?

    Veel scholen werken met een voorleesontbijt. Lekker in pyjama een mooi verhaal voorlezen als start van de dag. Zo kun je elke dag een ander boek aanbieden en op die manier de boekenhonger bij jouw leerlingen proberen aan te wakkeren.

     

    Laaggeleterdheid in Nederland

    Voor de laaggeletterdheid in ons land zijn deze dagen natuurlijk een prima idee. Hoe meer kinderen in aanraking komen met boeken hoe beter.

    Hoeveel procent laaggeletterdheid, of andere taalproblemen kom jij in jouw klas of praktijk tegen? Zo ongeveer? Of gemiddeld per schooljaar? 

    Laaggeletterdheid, wat zijnde cijfers?

    Uit onderzoek is gebleken:
    TOS komt voor bij 5-7% van de bevolking
    Taalachterstand : de cijfers zijn onduidelijk, omdat ze vaak met laaggeletterdheid worden verward in onderzoeken.
    Laaggeletterdheid komt voor bij 1 op de 10 schoolverlaters van 16 jaar.

    Op de website van de voorleesdagen kun je lezen welke effecten ieder jaar gezien worden .

    1. Voorlezen maakt je leuker
    2. Positief effect op woordenschat, spelling en tekstbegrip
    3. Meer verkoop en uitlening van prentenboeken

     

    Maar welke boeken kies je dan?

    Hier is door een speciale commissie natuurlijk goed over nagedacht.

    ieder jaar worden er kerntitels gekozen. Het Prentenboek van het Jaar is Moppereend van Joyce Dunbar en Petr Horacek.

     

    Een jury van bibliothecarissen kiest uit het complete aanbod van peuterboeken van het voorafgaande jaar. Het belangrijkste criterium is dat het boek, naast een goed verhaal en aantrekkelijke illustraties, voldoende aanknopingspunten biedt voor interactie met de peuters en verwerking in hun spel na het voorlezen.

    Dat is met dit prachtige prentenboek zeker gelukt. Het boek biedt een schat aan emotietaal en is zeer herkenbaar voor het jonge kind. Ieder kind kan zich herkennen in Moppereend die graag wil spelen met iemand, maar niemand doet iets wat hij zelf ook leuk vindt.

    De taal rondom alle emoties is natuurlijk prachtig gespreksmateriaal.
    Denk alleen maar eens aan alle synoniemen voor het woord mopperen

    mopperen

    De bijbehorende synoniemen:

    mopperen (ww):
    brommen, foeteren, klagen, kniezen, knorren, moffelen, mokken, morren, murmelen, pruttelen, reclameren, sakkeren, sputteren.

    Veel te vaak blijven we hangen bij de basale uitingen: bang, boos, blij en verdrietig. Maar er zijn zoveel meer woorden waarmee we emoties kunnen omschrijven.
    Ga de emoties uitbeelden, in zinnen gebruiken, herkennen, vergelijken, enz.

    Ga daarom ook op zoek naar emotietaal in andere boeken, liedjes of filmpjes.
    Voor taalzwakke kinderen is emotietaal vaak extra lastig, met woordvindingsproblemen of een kleine woordenschat is het uiten van emoties nog eens extra moeilijk. Zeker belangrijk dus om aandacht aan te besteden. 

     

    Moppereend en NmG

    Dit boek is door de schat aan emotietaal, uitermate geschikt voor kinderen met een TOS of slechthorendheid.

    Emoties zijn namelijk gekoppeld aan abstracte begrippen. Uit onderzoek blijkt dat kinderen enorm veel leren van voorlezen, het is belangrijk voor de taalontwikkeling, en het geeft bovendien veel plezier en rust. Voorlezen is een must, zeker ook voor dove en slechthorende kinderen en anderen die communiceren met gebaren.

    Het Nederlands Gebarencentrum wil graag een bijdrage leveren aan de Nationale Voorleesdagen vanaf 22 januari 2020 t/m 1 februari .

    Klik hieronder op de afbeeldingen voor het leidje “Mopperdag” en de video van het prentenboek “Moppereend” verteld met gebaren .

    Aan de slag met Moppereend

    Wil je meer leuke ideeen rondom het boek moppereend, kijk dan eens op de site van Juf Janneke of ga naar mijn speciale Yurlspagina over de voorleesdagen, dit leuke prentenboek en de andere bijpassende titels.

    Ga jij aan de slag met Moppereend?

    Hoe ga jij dat aanpakken? Ga je gebaren gebruiken?

    Laat het me weten in een reactie hieronder.

    Pin It on Pinterest