Selecteer een pagina

 

Het concept humor is altijd lastig met kleuters. Zeker bij kleuters met een lage taalvaardigheid. Het concept “echt of nep” en “wat is dan een grap en wat niet” kan tot vreemde situaties leiden en soms ook tot onbegrip of frustratie. Veel kinderen proberen soms ook onder dingen uit te komen door snel te roepen “grapje”. Maar wat is nu een grapje? Ik heb je gefopt is ook zo’n leuke uitspraak. Wanneer is iets dan grappig en wanneer kwets je er iemand mee? Dit blijft lastig bij kleuters maar zeker bij kinderen met een TOS.

Ter illustratie mijn blog van 2 jaar geleden.
In 2014 viel 1 april op mijn werkdag en heb ik in mijn toenmalige kleutergroep een grap uitgehaald naar aanleiding van het boek “Wie heeft er op mijn kop gepoept”.

Lees hier mijn verhaal.

Normaal ben ik niet zo snel van de 1 april grappen maar vandaag was een uitzondering.
Ik denk dat ik het gewoon even nodig had om lekker even  iedereen beet te nemen. Je hebt zo van die dagen :-). Het begon ermee dat ik vanochtend om 8.15 uur in de gang van school mijn teamleider tegen kwam.
“Hey …, ik kom straks even langs om mijn overuren te declareren en dan meteen mijn compensatieverlof te plannen. Is alles bij elkaar wel een jaartje denk ik” riep ik nonchalant.

Zijn gezicht sprak boekdelen. Eerst verbazing, toen verwarring en daarna lichte verbijstering!! (Meent ze dit nou echt????)

Na wat gestamel van zijn kant hielp ik hem maar uit zijn benarde positie en riep “1 april !!”
Hij kon er gelukkig wel om lachen en de toon was meteen gezet.

Even later haalde ik de kinderen op bij het speelplein en werd meteen verwelkomd met een keihard
“1 april, kikker in je bil, het is grapjesdaaaaag!!!”
Tja dan moet je er zelf ook maar niet de nadruk op leggen in de dagen ervoor. Eigen schuld, dikke…..?

De kinderen snappen het concept in zoverre dat je keihard mag roepen “1 april, kikker…enzovoort” maar verder is het lastig want wat is humor?
Ik heb vele vormen gehoord vandaag. Van sarcasme, tot onderbroekenlol. Maar de kinderen bleven hangen in het uitroepen van de hierboven genoemde kreet.

Dus maar eens een lesje eraan spenderen, want wat is dat eigenlijk….iemand beetnemen, met iemand een grapje uithalen, iemand foppen.  Lastig voor kinderen met #TOS. Aan de slag dus!

Na het voorlezen van het geweldige  boek “over een kleine mol die wil weten wie er op zijn kop gepoept heeft” ben ik verder gegaan met mijn snode plannen.

Ik vertelde de kinderen dat ik naar de kinderboerderij was geweest en iets had meegebracht.
Met veel drama haalde ik 3 doosjes uit mijn tas. Wat zat daar nou toch in…..POEP!!!

“Weten jullie nu nog van welk dier deze poep was? ” Dat was geen moeilijke vraag.

Die vieze vlaai was duidelijk van de koe en die worst met dat puntje was van de hond. De bolletjes waren natuurlijk van de haas.
Toen vroeg ik of ze wisten hoe zoiets zou  proeven, en de daad bij het woord voegend nam ik meteen maar een klein hapje van de koeienvlaai.

De kinderen keken eerst met ogen als schoteltjes, vol verbazing vielen ze bijna letterlijk van hun stoel. Ze begonnen daarna vieze gezichten te trekken en toen ik vroeg of ze ook wilden proeven werd er meteen zeer duidelijk gereageerd. NEEEEEEEE!!!! Bweeeh…dat stinkt, dat is vies, gatver!!!!!! Er kroop zelfs een kind achter zijn stoel om maar niet te hoeven zien wat die juf nu toch deed.

Eén heldin wilde wel ruiken en kon toen vertellen dat het niet zo stonk maar zelfs best lekker rook???
“Het ruikt naar pepernoten”. Toch even proeven dan??? Ik nam ondertussen nog een stukje, “mmmm, best lekker hoor” zei ik.

Schoorvoetend kwamen de meesten nu dichterbij. Ja hoor, kleine kruimeltjes werden geproefd en goedgekeurd.  Hey, dat smaakte inderdaad naar koek????
Er werd nog steeds geen link gelegd met de datum totdat ik zei: “zeg, luister eens even…dit is gewoon neppoep hoor, dit is niet echt, ik zit jullie te foppen ……….. 1 april!!!”

“Haha, kikker in je bil” riepen er toen een paar. Wijzend naar mij. Duidelijk dus de clou missend.
“Nee, Ik heb jullie gefopt met de neppoep!!” zei ik.
Dat was toch even een nadenker voor sommigen.

Waarschijnlijk valt het kwartje pas echt als we wat verder in de week zijn, want was het nu voor iedereen duidelijk? Wie hield nu eigenlijk wie voor het lapje? Wie was er hier gefopt? Toch weer die vertraagde taalverwerking en zwak taalbegrip wat hier parten speelt bij een aantal kinderen!
Dit zal deze dagen nog wat vaker herhaald en besproken worden, ook al is het dan geen 1 april meer.

Want veel herhaling en visuele ondersteuning, met nog wat meer voorbeelden van grapjes, blijft nodig om dit lastige concept helder te krijgen.

Het wordt vast nog een grappige week! 🙂

Het moge duidelijk zijn, 1 april kan hilarisch maar ook zeer verwarrend  zijn. Dus heb je nog wat in petto voor deze week op 1 april, dan geef ik je hier nog 5 tips.

    1. Denk aan een goede nabespreking van de grap voor de kinderen met een lagere taalvaardigheid. Want het concept “grapje” blijft lastig! Het begrijpen gaat niet altijd vanzelf.bevraging gebruikers
    2. Maak vaker grapjes deze week en attendeer de kinderen erop dat het niet vervelend mag zijn voor iemand anders.
    3. “Grapjes” waar pijn of tranen aan te pas kunnen komen zijn geen grapjes maar benoem je als pesten.
    4. Laat de kinderen voorbeelden bedenken van grapjes en voorbeelden van pestgedrag. Leg duidelijk de verschillen steeds uit.
    5. Maak een visueel overzicht (bijvoorbeeld een mindmap of een woordkast met picto’s)  waarin de tegenstellingen duidelijk tegenover elkaar komen te staan van een grapje en pestgedrag en maak hier afspraken over met je groep.
      lachen samen

      Dit is een grapje !

      pesten

      Dit is pesten!

 

Pin It on Pinterest

Share This
%d bloggers liken dit: