Deze week is het de week voor Autisme, ook vaak  ASS (Autisme Spectrum Stoornis) genoemd. Heel Nederland en alle Social Media platformen geven meer  bekendheid aan Autisme.
Maar nu hoor ik je denken,  dit is toch al bekend bij de meeste mensen?
Waarom is zo’n week dan nog steeds erg belangrijk om te doen?

Autisme is een bekende stempel maar wat voor impact heeft dit eigenlijk voor de persoon zelf, voor de directe omgeving thuis en voor de omgeving binnen het onderwijs?  Hieronder een aantal vragen op een rijtje, vanuit het perspectief van een leerkracht. Ik heb al vaak een leerling met ASS in mijn groep gehad en ben dus alleen ervaringsdeskundige op school, niet in een thuissituatie.

Wat is autisme?

Op de site van de Nederlandse vereniging van Autisme (NVA)   staat de  volgende duidelijke omschrijving:

Bij mensen met autisme werkt de informatieverwerking in de hersenen op een andere manier. Met autisme word je geboren, en blijft gedurende je hele leven een rol spelen. Het wordt niet veroorzaakt door de opvoeding.

Alles wat mensen met autisme zien, horen, ruiken etc. wordt op een andere manier verwerkt. En dat brengt een andere mix van sterke en zwakke kanten met zich mee. Zo hebben mensen met autisme vaak een goed oog voor detail, zijn ze eerlijk, recht door zee, analytisch en hardwerkend, maar hebben ze moeite met overzicht houden en sociale contacten en hebben ze een opvallend beperkt aantal interesses of activiteiten.

Autisme zie je niet aan de buitenkant, maar het heeft grote invloed op iemands leven. Hoe groot en op welke manier precies verschilt per persoon, en ook per levensfase. 

Dit is een heldere omschrijving maar kun jij jezelf er nu een voorstelling van maken? Dit onderstaande filmpje geeft een beeld van een Sensory Overload , een teveel aan prikkels dus, en hoe dat bij je binnen kan komen.

 

De verschillende vormen van autisme.
Op de site van NVA lees je verder dat er een onderscheid gemaakt wordt tussen een aantal vormen.
Je hebt de verzamelnaam ASS:
“Autisme Spectrum Stoornis (ASS) is de verzamelnaam voor de verschillende vormen van autisme.  De term spectrum wordt gebruikt in de zin van een veelkleurige waaier, waarmee aangegeven wordt dat er een grote diversiteit is in de manier waarop autisme zich uit. In de nieuwe versie van het handboek voor psychiaters (DSM-5) zal ASS de officiële benaming worden voor alle vormen van autisme.”

Op de site worden daarna de verschillende vormen genoemd. Je kunt  daar verder lezen over de kenmerken van:

  • Klassiek Autisme
  • Syndroom van Asperger
  • PDD Nos

Wat voor impact heeft Autisme voor de persoon zelf?

Je begrijpt dat een leerling in jouw klas of groep met Autisme snel overprikkeld kan raken door een grote groep leerlingen en alle geluiden en activiteiten die daarbij horen.  Per persoon is het dan echter nog verschillend hoe die reageert.  Net zoals bij leerlingen zonder ASS heb je verschillende reacties op verschillende situaties. Met het verschil dat de reacties van een leerling met ASS vaak erg dwingend of heftig kunnen zijn. Soms kunnen de reacties zelfs agressief zijn of met een paniekaanval gepaard gaan. Daarnaast heb je ook leerlingen die juist
terugtrekken in hun eigen “bubbel” en stil gaan zitten of repeterende bewegingen maken (fladderen/schommelen) en/of geluidjes maken (zoemen, woorden herhalen/enz). Het is dus nooit vanuit een dossier te zeggen wat je met deze leerling in de klas kunt doen. Vooral observeren en open staan voor elkaar geeft vaak een goede eerste verbinding om verder te bouwen aan een manier van samenwerking met jou als juf of met de leerlingen als groep. Kijk maar naar de serveerster in het bovenstaande  filmpje. Je ziet daar meteen dat begrip beter werkt dan wat dan ook.

De cijfers.

We weten uit cijfers dat ruim 1% van de mensen in Nederland Autisme heeft. Met de invoering van Passend Onderwijs komen er nu veel meer leerlingen met Autisme op een reguliere basisschool terecht. Zeker de groep met de PDD-NOS diagnose vallen vaak een beetje tussen wal en schip. Dat betekent op een school van 300 leerlingen 3 ASS diagnoses? Ik denk zelf dat dit er meer zullen zijn in de praktijk.
Binnen het Cluster 2 onderwijs (onderwijs voor spraak en taal stoornissen) zitten ook veel kinderen met ASS of PDD-NOS. De taalontwikkelingsstoornis (TOS) moet hier echter wel aantoonbaar zijn naast de diagnose.  ASS leerlingen hebben uiteraard een probleem in de communicatie en de taalverwerking maar dit hoeft niet altijd een taalontwikkelingsstoornis te zijn.

In de praktijk van je klas.
Veel leerlingen vinden dus hun weg naar de reguliere basisscholen. Niet alleen het gedrag van leerlingen met ASS kan daar een obstakel vormen maar ook de manier van informatie verwerken.  Bekijk het filmpje van schoolTV op mijn yurls maar eens.

Een leerling met ASS in je groep is altijd maatwerk. Iedere keer heb ik zelf ook weer eerst geobserveerd, contact gemaakt via interesse of spel en van daaruit een band opgebouwd. In een groep is het belangrijk dat het open en duidelijk wordt besproken dat deze leerling soms wat anders kan reageren maar dat dit geen probleem hoeft te zijn zolang we allemaal een beetje rekening houden met elkaar. Natuurlijk zijn er ook leerlingen die lastig te handhaven zijn in een groep maar ga dan eens goed na bij jezelf wat het probleem zou kunnen zijn.

Mogelijke problemen in de klas:

  • De groep is te groot.
  • De groep is te druk.
  • Er is veel omgevingsruis in de groep.
  • De opdracht is te moeilijk.
  • De opdracht onduidelijk.
  • De situatie te onverwacht.

Mogelijke oplossingen in de klas:

  • Probeer bij groepswerk of bij een grote groep een kleiner groepje te maken met de leerling met ASS daarin. Liefst een groepje met leerlingen die zelfstandig en rustig kunnen werken.
  • Zet een leerling met ASS niet naast leerlingen die druk en of chaotisch zijn. Het continu vallen van bijvoorbeeld een potlood, het maken van veel geluid of het stellen van veel vragen kan voor een ASS leerling erg storend zijn.
  • Maak een werkplek. Het is wenselijk om een werkplek te creëren  die de leerling naar eigen inzicht op kan zoeken zonder dat dit een gevoel geeft van straf. Benoem het als een fijne werkplek en houd deze ook echt speciaal voor die leerling. Bij meerdere kinderen met ASS zou je ervoor kunnen kiezen om een werkplek te maken voor dit hele groepje. Dit ligt enorm aan de leerlingen zelf, of dit een succes zal worden. Laat dit echter geen vaste plaats zijn, de leerling moet de keuze kunnen maken tussen samen of alleen. Zo voorkom je uitsluiting in de groep.
  • Ga per opdracht na of groepswerk een noodzaak is, zelfstandig werken op een rustige eigen werkplek is vaak voor fijner voor de leerling maar ook voor de groep en dus ook voor jou als leerkracht.
  • Vraag of de leerlingen de opdracht aan jou na kunnen vertellen of uit kunnen leggen. Door het controleren van het begrip, voorkom je in je hele groep een vragenvuur en onrust.
  • Maak met picto’s duidelijk wat er tijdens het werken van de leerling verwacht wordt. Bekend bij velen zijn hiervoor de beertjes van Meichenbaum.
  • Gebruik rustige picto’s in je groep voor de dagindeling en de klassenroutines. natuurlijk zijn al die gezellige picto’s met leuke stripfiguren of andere prenten heel leuk om te zien maar ze kunnen een leerling met ASS enorm afleiden van de kern. De Picto;s van Sclera zijjn een goed voorbeeld van een rustige en duidelijke vormgeving.
  • Wil je nog meer lezen over ASS en tips over literatuur, kijk dan verder op mijn yurlspagina over Zorg>Autisme, ASS en PDDNOS. Hier vind je nog een aantal filmpjes en veel links en tips.

 

Ontvang een gratis applijst voor kleuters!

Ontvang de gratis download: kleuterapps voor in de klas en blijf meteen op de hoogte van het laatste nieuws van deze site.

 

Bedankt! Je bent succesvol ingeschreven. Ik beloof je dat ik je niet ga spammen, wil je echter toch uitschrijven dan kan dat natuurlijk altijd onderaan de nieuwsbrief.

Pin It on Pinterest

Share This
%d bloggers liken dit: