Basishouding communicatie, wat houdt dat in?

Een tijdje geleden deed ik een periscope uitzending over de verschillen tussen TOS en een taalachterstand. Ook besprak ik tijdens deze uitzending de handvatten die je in een klas of thuis kunt gebruiken om met een kind met TOS goed in gesprek te gaan.

Dit deed ik naar aanleiding van het boek “Basishouding Communicatie” wat geschreven is door twee van mijn collega’s op Auris De Spreekhoorn in Breda.
Omdat de uitzending inmiddels niet meer op internet staat heb ik dit artikel geschreven.
Dus heb jij leerlingen met Tos in de klas of thuis. En wil je weten wat je kunt doen om hier zo goed mogelijk mee om te gaan? lees dan vooral verder.

Allereerst is het belangrijk om te ontdekken of het kind een taalachterstand heeft of een taalontwikkelingsstoornis (TOS).

Het verschil!

Over het algemeen is het zo dat een kind met een taalontwikkelingsachterstand deze vaak heeft opgelopen door een ontbreken van (de Nederlandse) taal in zijn omgeving doordat bijvoorbeeld de ouders geen Nederlands spreken. Ook kan het zijn dat een kind in zijn eerste levensjaren weinig taal tot zich heeft gekregen door bijvoorbeeld chronische oorontstekingen, verwaarlozing, gehoorproblemen of andere oorzaken. De taalontwikkeling heeft  dan een achterstand opgelopen. Bij tweetaligheid is in de moedertaal van de ouders dan geen stoornis of achterstand ontstaan. In die gevallen spreekt men van een taalontwikkelingsachterstand die vaak met gerichte woordenschattraining,  zoals de VVE programma’s of specifieke taaltraining in de peuter en/of kleutergroep,  in te halen valt.
Bij een TOS spreekt men van problemen in de woordenschatontwikkeling, zinsbouw, woordvorming, spraakverstaanbaarheid, auditieve vaardigheden, verhaalopbouw en pragmatiek(taalgebruik) van de taal. Bij de aanwezigheid van een tweede taal zie je deze problemen ook terug in de moedertaal. Bij een TOS gaat het leren van taal niet vanzelf en komt de taalontwikkeling zeer moeizaam op gang. Meer informatie over taalontwikkeling kun je vinden op de website Kind en taal. Hier vind je ook checklisten en zelfs een sneltest die je online uit kunt voeren. Ook vind je hier meer informatie over meertaligheid en logopedie.
Ook op de website van de koninklijke Auris Groep vind je heel veel informatie over onderzoek en behandelmogelijkheden van TOS. Ook vind je hier een link naar de brochure van nul tot taal waarin ouders hun tips en ervaringen delen. uiteraard kun je hier ook meteen contact opnemen voor advies en hulp.

Hoe herken ik een TOS?

Typische kenmerken van kinderen met TOS zijn:

  • het kind kent weinig woorden of spreekt ze meestal verkeerd uitheeft jos een tos
  • het kind heeft moeite om op een woord te komen
  • het kind vertelt vaak hetzelfde (vaak dezelfde woorden)
  • het kind maakt veel fouten in zijn woorden en zinnen
  • het kind maakt erg korte zinnen
  • het kind berijpt vaak niet wat er verteld wordt
  • het kind klapt dicht, of zegt: “weet ik niet” als er een vraag wordt gesteld
  • het kind is stil en praat weinig
  • het kind lijkt niet te luisteren
  • het kind praat met veel denkpauzes, stopwoorden en herhalingen
  • het kind wordt driftig als het niet begrepen wordt, of als het zelf iets niet begrijpt
    Wil je nog meer informatie hierover lezen, klik dan hier! Of bekijk het filmpje: Hoe herken je een TOS?

    heeft_jos_een_tos

Natuurlijk heeft een taalontwikkelingsstoornis grote gevolgen voor een kind. Het voelt zich niet begrepen, raakt gefrustreerd en kan zelfs helemaal stoppen met spreken. Het kind kan ook agressief of teruggetrokken gedrag gaan vertonen. Hierdoor kan de communicatie afnemen en stagneert het leren van taal nog meer dan al het geval is.taal cognitie emotie_0

De leerkracht en de ouders zijn dan ook belangrijk om de taalontwikkeling te stimuleren door middel van een goede basishouding in een gesprek. Maar hoe doe je dat dan?

Het gesprek.

Het gesprek is de beste manier om het taalgebruik en het denken over taal te ontwikkelen en om begrippen en taalregels eigen te maken. Het is dus van belang om in je groep of thuis zoveel mogelijk goede en waardevolle gesprekken te voeren met het kind. Dat kunnen alledaagse gesprekken zijn over van alles en nog wat, of het kunnen leergesprekken zijn rondom een onderwerp in de klas of uit een boek.

Maar wanneer is een gesprek waardevol en hoe ziet een goed gesprek eruit?
Hiervoor zijn een aantal regels die  bij ons op school, in het cluster 2 onderwijs, dagelijks worden toegepast en in het boek “basishouding Communicatie” worden beschreven.

  1. Gebruik betekenisvolle taal. Sluit aan bij iets wat het kind beleeft op dat moment of heeft ervaren, en waar het kind graag over wil vertellen. Het kan ook een gesprek zijn wat aansluit bij de specifieke interesse van het kind. Zolang het gesprek en de taal betekenis heeft voor het kind zal het een gesprek blijven volgen en taal blijven gebruiken.
  2. Gebruik visuele hulpmiddelen zoals foto’s, boeken of materialen bij een gesprek. Door datgene wat in de spreektaal uitgewisseld wordt te visualiseren, kan het kind letterlijk kijken naar wat er gezegd is.
  3. Visualiseer een gesprek met woorden op papier. Het kind kan nu letterlijk terugkijken naar wat er gezegd is. Gebruik zeker bij kleuters hiervoor woorden, gecombineerd met foto’s en tekeningen. Het kind reflecteert op de gesproken taal en de ontwikkeling van het luisteren, spreken en lezen wordt hiermee bevorderd. Ook compenseert het gevisualiseerde gesprek het zwakke auditief geheugen. Je kunt samen terugkijken op wat er eerder gezegd is en zelfs geruime tijd later, kun je terugkomen op een eerder gesprek. “Weet je nog toen…..”.
    20141110_1313224. Stel zoveel mogelijk open vragen en neem de tijd. Laat het kind rustig nadenken over zijn taaluiting. Kinderen met TOS hebben meestal een vertraagde taalverwerking en taalproductie. Wanneer jij meerdere vragen achter elkaar stelt kan het kind hierdoor de draad kwijt raken en dichtklappen.Vervolgens zijn er de VATprincipes (Volgen- aanpassen- toevoegen) die je toe kunt passen in elk gesprek.Volgen.
    Gebruik lichaamstaal en bewegingen (gebaren) bij het luisteren en spreken. Laat met je hele houding zien dat je luistert en hoort wat het kind zegt. Het kind voelt zich gehoord en begrepen en wordt gestimuleerd om verder te spreken.
    Ga op ooghoogte van een kind met hem of haar in gesprek. Zorg dat het kind het gevoel krijgt dat je gelijkwaardig in gesprek bent. Kijk naar datgene waar het kind ook naar kijkt en neem een afwachtende houding aan. Vul niet te snel de taal in. Dwing je zelf om goed te luisteren en te volgen.

    Aanpassen

    Geef de taaluiting van het kind goed terug. Herhaal wat het kind zegt op de juiste manier zodat het kind de juiste taalvorm direct terughoort. Je verbetert het kind maar op een manier die niet storend is voor het gesprek.
    Bijvoorbeeld: Leerling: “ik effeling uwees”: Jij: “Ben jij in de efteling geweest?”

    Toevoegen

    Je voegt op een natuurlijke manier nieuwe inhoud toe aan het gesprek. Bijvoorbeeld:  “In welke attractie ben je geweest”. Doe dit met woorden en taal die horen bij het ontwikkelingsniveau en de leeftijd van het kind. Zie je dat dit nog een brug te ver is, neem dan een stapje terug. Wanneer je zelf een gesprek voert met iemand vind je het immers ook niet prettig wanneer er alleen maar lastige vragen worden gesteld. Je kunt de nieuwe woorden dan wel toevoegen in jouw eigen taaluitingen en daarin meteen een omschrijving of uitleg van het woord aanbieden. Het kind heeft het dan gehoord en door veel herhaling zal dit woord langzaam opgenomen worden in de eigen woordenschat.
    Voeg ook eens gevoelstaal, omgangstaal of figuurlijke taal toe.20150911_165815-1

Wil je meer lezen over basishouding communicatie en wil je meer tips voor het gesprek, visualiseren en reflecteren op taal in groep 1 tot en met 8? Stuur dan een mail met je gegevens naar info@spreekhoorn.nl en bestel het boek “Basishouding Communicatie” voor €15,00 excl. verzendkosten.

20150807_105230-1

Heb je nog vragen, mail ze mij gerust!

Hier kun je mijn periscope-uitzending terugkijken over dit artikel.

0 reacties

Trackbacks/Pingbacks

  1. Leerlingen met Tos in de klas of thuis? Wat kun je doen! | jufmarita - […] Leerlingen met Tos in de klas of thuis? Wat kun je doen! […]

Geef een reactie

Ontvang een gratis applijst voor kleuters!

Ontvang de gratis download: kleuterapps voor in de klas en blijf meteen op de hoogte van het laatste nieuws van deze site.

 

Bedankt! Je bent succesvol ingeschreven. Ik beloof je dat ik je niet ga spammen, wil je echter toch uitschrijven dan kan dat natuurlijk altijd onderaan de nieuwsbrief.

Pin It on Pinterest

Share This
%d bloggers liken dit: